Skip to main content

Amsterdam, net na half acht, de stad wordt opgeschrikt door een aantal schoten. Een seconde later ligt misdaadjournalist Peter R. de Vries op de grond. Op een handjevol sensatiezoekers na die het schijnbaar aanvaardbaar vinden beelden van deze aanslag op internet te zetten, is het land diep geschokt. Veel is er niet bekend. De Vries kwam net van een uitzending bij RTL Boulevard, hij ging altijd lopend naar de locatie. Weigerde beveiligd te worden. In 2019 geef hij al aan op een dodenlijst te staan van drugsbaron Ridouan Taghi, die zich van een onbeduidend figuur in een aantal jaar tot een van de meest gezochte criminelen ontpopte. Al die bedreigingen maken De Vries naar eigen zeggen ‘geen flikker uit’. 

De Vries is vertrouwenspersoon van kroongetuige Nabil B. Diens advocaat, Derk Wiersum, werd in september 2019 geliquideerd. B. is de voornaamste getuige voor wat een van de grootste processen ooit belooft te worden: het Marengo-proces, dat gaat over verschillende liquidaties die gelinkt worden aan de groep rond Taghi. Hans Nelen, hoogleraar criminologie aan de Universiteit van Maastricht benadrukt de omvang en het belang van dit proces in een stuk in Trouw van augustus 2020: ‘Deze zaak gaat niet alleen over moordpogingen en liquidaties in de onderwereld, maar draait ook om de verdediging van de rechtsstaat en de ­verharding van het criminele milieu.’ De drugscriminaliteit neemt inmiddels immense proporties aan, met gevolgen die ook buiten het criminele circuit gevoeld worden. Dit leidt tot de vraag: hoeveel onschuldigen moeten er slachtoffer worden van het achterhaalde drugsbeleid? En biedt deze gruweldaad geen kansen?

 

Een verhard klimaat 

De Vries is de eerste prominente journalist in Nederland die is neergeschoten. Dit geeft aan hoe verhard het klimaat is ten opzichte van decennia hiervoor. De zogenoemde mocro-maffia hebben vrij spel. Dit is niet alleen het geval in Amsterdam. In havenstad Antwerpen kampt men met een soortgelijk probleem. In maart dit jaar werd burgemeester Bart de Wever bedreigd door criminelen. Inmiddels hij heeft hij enigszins onwillig geopperd dat ‘legalisatie van cocaïne weleens de oplossing zou kunnen zijn’. Voor iemand die zich altijd hard uitsprak tegen legalisering, is het opmerkelijk dat hij nu wel de voordelen van een meer gereguleerde situatie inziet. 

De war on drugs is niet goedkoop. Naar aanleiding van het Marengo-proces, waarvan het gros van de verdachten uit de regio Utrecht komt, zei burgemeester Sharon Dijkstra 1 miljard euro nodig te hebben voor doeltreffende preventie en repressie. Momenteel besteedt het Rijk al een rommelige 4,5 miljard euro aan het tegengaan van drugscriminaliteit, met het tegenovergestelde effect.. Drugsbazen lachen zich suf vanaf party-eiland Ibiza, terwijl alleen het voetvolk wordt onderschept door onderbemande politie-eenheden. ‘Het is dweilen met de kraan open,’ zegt Thijs Roes, die voor De Correspondent onderzoek deed naar het drugsbeleid van de toekomst. 

 

Een intelligente oplossing

In essay van Pieter Tops en Jan Tromp in de Volkskrant, wordt in 2020 al duidelijk uitgelegd dat om drugscriminaliteit aan te pakken, de gebruiker buiten beschouwing moet worden gelaten. Ze leggen de vinger op de zere plek: namelijk bij de ongekend grote economie die achter drugs schuilgaat. De enige manier om de angel uit de situatie te halen, is drugsbazen buiten spel zetten en ze te raken waar het het meeste pijn doet: de portemonnee. Dit vergt een intelligente en eerlijke aanpak, die eerder neigt naar regulering dan volledige legalisering. Een die gericht is op de volksgezondheid, niet op het bewaken van de openbare orde. Dit idee komt vooral van verslavingsexperts, die al jaren roepen dat het verbieden en problematiseren van drugsgebruik alleen maar meer complicaties in de hand werkt. 

Zij geven aan dat het accepteren dat drugs onderdeel zijn van de samenleving en daar intelligent mee omgaan, de beste oplossing zou zijn. Nog meer geld pompen in een strijd waar de drugscrimineel de gedoodverfde winnaar is, heeft volgens hen geen zin. Dat is de essentie. Haaks tegenover deze drugsbaronnen gaan staan, verergert de maatschappelijke effecten en lost het probleem de facto niet op. Het is tijd om als overheid verantwoordelijkheid te nemen. ‘Hierin gaan beheerst gebruik, controle op gebruik en gelegaliseerd gebruik hand in hand, als sluitstuk van nieuw beleid,’ geven Tops en Tromp aan. 

De ironie wil dat De Vries de hele war on drugs een absurde queeste vond. In talkshow RTL Boulevard stelde hij: ‘Iedereen die een beetje in dit wereldje rondloopt weet dit al lang. De minister kan wel roepen om nog meer politieteams en nog hardere straffen. Maar we hebben de afgelopen veertig jaar in de VS met de war on drugs gezien dat dat totaal geen effect heeft; er is niets veranderd.’ Het is krankzinnig en tergend dat hij nu slachtoffer geworden is van een strijd die hij niet wilde voeren. 

 

Leave a Reply