Skip to main content

‘Ik moest opeens gaan functioneren, en dat terwijl ik aan het trippen was’

‘Op mijn dertiende kwam ik voor het eerst met alcohol en cannabis in aanraking. Ik zat op een middelbare school waar ik me niet thuis voelde en ging met oudere jongens om. Mijn neef en ik waren erg close, ondanks dat hij vier jaar ouder is dan ik. Was ik met hem, dan was drinken of een joint roken niet meer dan normaal. 

Ik ben altijd al erg nieuwsgierig geweest naar wat drugs met je psyché kunnen doen. Diezelfde nieuwsgierigheid zorgde ervoor dat ik op mijn veertiende in de zomervakantie meer met drugs ging experimenteren. Ik ging samen met een goede vriend naar het huis van mijn moeder, die op dat moment niet thuis zou zijn. We sloten de schuur af en begonnen te hotboxen. Niet veel later pakten we er ook wat truffels bij. Het voelde alsof ik in de tussenstukjes van That 70’s Show zat; alles bewoog en alle kleuren waren prachtig. De sfeer sloeg volledig om op het moment dat die vriend de deurklink van de deur af sloeg. Hij wilde graag even weg uit de schuur, maar dit ging volledig mis. Hij heeft last van astma en niet veel later viel hij flauw door de grote hoeveelheid rook in de kamer. Ik moest opeens gaan functioneren, iets waar je echt niet op zit te wachten tijdens een trip. Ik belde mijn vader en die heeft ons uit de schuur bevrijd. Deze ervaring heeft mijn visie op drugs veranderd. Ik heb hierna nooit meer zorgeloos van een trip kunnen genieten. 

Een paar weken daarna wilde ik het er toch weer op wagen. Ik besloot opnieuw truffels te doen. Ik merkte dat angst me onbewust tegenhield. Ik was constant bezig met wat er mogelijk mis zou kunnen gaan en hoe ik dan zou moeten reageren. Nog tijdens de trip ben ik naar mijn vader toe gegaan, ik voelde een sterke behoefte om met hem te praten over de zin van het leven. Ik legde hem eerlijk uit dat ik aan het trippen was, maar vroeg hem ook om pas de dag erna boos te worden. Hij ging er heel fijn mee om, we hebben toen zo goed kunnen praten. Ik had dat op dat moment ook echt nodig.

De openheid die mijn vader die avond uitstraalde, mist in onze samenleving. Ik denk dat we minder open zijn geworden in Nederland. Dat geldt uiteraard voor het gesprek over drugs, maar eigenlijk herken ik het overal wel. Het is belangrijk om onze ogen juist voor deze onderwerpen niet te sluiten. Pas als we een open gesprek kunnen voeren, kunnen we als samenleving verder groeien.’