Skip to main content

‘In mijn generatie is drugs al lang geaccepteerd. Zodra de boomers plaatsmaken voor onze generatie en onze denkbeelden vertegenwoordigd worden in de politiek, gaat het drugsbeleid dus op de schop’

‘Minister Grapperhaus was op een gegeven moment op televisie. Hij wilde meer geld vrijmaken voor de opsporing van drugscriminelen, om “die boeven te vangen”. Ik was daar echt even over in shock. Wil hij nou serieus de war on drugs nieuw leven inblazen?! Dit is zó ouderwets! Vervolgens zei hij in het programma: ‘drugsgebruikers hebben bloed aan hun handen’. En dat schoot me al helemáál in het verkeerde keelgat.  Ik ben weliswaar een drugsgebruiker, maar ik ben niet degene die drugs gecriminaliseerd heeft en die het vervolgens ook nog eens in de criminaliteit houdt. Ik ben niet verantwoordelijk voor het huidige kinderachtige beleid. Wat ik ook kinderachtig vind, of gewoon verbazingwekkend, is dat een complete generatie boomers zo afwijzend tegenover drugs kan staan, maar het tegelijkertijd wel en masse op een zuipen zet en dat nog grappig vindt ook.

De war on drugs is al lang verloren. De vraag naar drugs is er al decennialang en het aanbod ook. We kunnen inmiddels wel concluderen dat het huidige beleid niet werkt en dat er een nieuwe manier moet worden gevonden om met het probleem om te gaan. Het beleid zal hoe dan ook op korte termijn gaan veranderen. Van mijn generatie ken ik namelijk vrijwel niemand die géén drugs gebruikt. Mijn vrienden snuiven de lijnen van mijn keukentafel, nog voordat ik het eten op tafel heb gezet. In mijn generatie is drugs al lang geaccepteerd. Zodra de boomers plaatsmaken voor onze generatie en onze denkbeelden meer vertegenwoordigd worden in de politiek, gaat het drugsbeleid dus op de schop.

We zouden eens moeten onderzoeken wat er gebeurt wanneer je drugs geheel of gedeeltelijk legaliseert, bijvoorbeeld door te kijken naar plekken waar alcohol of softdrugs verboden is geweest. Welke gevolgen heeft legalisatie toen gehad? Ik ben daar wel benieuwd naar. Voor de drugsgebruiker zelf zal de legalisatie van drugs denk ik niet zo’n groot verschil maken. Of ik nou naar een smartshop moet lopen of een scootertje binnen tien minuten laat voorrijden, drugs is nu ook al op iedere hoek van de straat beschikbaar. Alleen moet het nu in het geniep en weet je nooit precies wat er in zit. Ook zal legalisatie de behoefte aan drugs niet vergroten voor mij of de mensen om mij heen. De behoefte is er al.

Het beeld dat boomers hebben van een leeg en uitzichtloos drugsbestaan: daar kan ik me helemaal niet in vinden. Ik heb vooral toen ik wat jonger was, in mijn studententijd, misschien wel de leukste momenten van mijn leven aan de drugs meegemaakt. Of aan drugs te danken gehad. Ik heb er hele goede gesprekken door gehad en het heeft banden versterkt, met zowel familieleden als vrienden. Want dingen die je normaal niet uitspreekt, uit schaamte, komen dan wel opeens naar boven. Daarnaast maken drugs je meer bewust van de dingen die ertoe doen in het leven: liefde, vriendschap en geluk. En niet: status, geld en materie.

Tegen alle veroordelende Nederlanders zou ik zeggen: kom gezellig een keertje langs en dan slikken we samen even een pilletje. En dan hebben we het er nog wel eens over. Tot die tijd houd je maar gewoon even je mond.’