Skip to main content

‘Ik had eerst met bepaalde drugs een slechte associatie. Toen ik naar Amsterdam verhuisde is deze associatie veranderd; ik zag dat er niet alleen een grimmige kant is aan bijvoorbeeld snuiven’

‘Toen ik in Nijmegen woonde, had ik een slechte associatie met snuiven; het beeld van een groepje die in een hoekje ketamine aan het doen waren staat nog vers op mijn netvlies, het was een grimmig gezicht. Toen ik naar Amsterdam verhuisde, veranderde mijn negatieve beeld van drugs langzamerhand en maakte die duistere indruk plaats voor iets beters; ik zag dat mensen het echt leuk konden hebben op feestjes met dat soort drugs op. Er werd in plaats van drank dan ketamine gedaan, waarvan ik merkte dat mensen echt gezellig werden. Deze onbevangen sfeer waar ik eerder geen weet van had, heeft mijn kijk op drugs echt veranderd.

Mijn ouders zijn opzicht relaxed wanneer het aankomt op drugs, ze weten dan ook dat ik hier en daar wel eens wat probeer als ik op een festival sta. Ik vertel ze wel vaak de lichte versie, omdat ik niet wil dat ze zich onnodig zorgen maken. Van een pilletje zouden ze niet opschrikken, maar meer dan dat is voor hen toch een stap te ver. Ik denk dat ik hier niet alleen in ben, er is toch nog wel een generatiekloof wanneer het aankomt op dit onderwerp. Onze generatie is veel losser. Voor mij is het tevens wel heel belangrijk dat er grenzen zijn, sommige drugs zou ik nooit proberen. Zo zou ik bijvoorbeeld nooit iets spuiten. Het is denk ik ook belangrijk om naar jezelf te luisteren, wanneer je in aanraking komt met drugs. Zo laat ik me persoonlijk niet beïnvloeden door mijn vrienden, ik voel totaal geen groepsdruk. Het is uiteindelijk heel persoonlijk hoe je met drugs om gaat en je voelt zelf wat het beste voor je is.’