Skip to main content

Tweeëntwintig was ik, toen ik werd aangenomen bij een Deens modemerk om de backoffice te komen ondersteunen als student met talenknobbel. Wilde ik. Mode had me altijd getrokken, maar ik had geen idee van de doorloop in kleding. Wekelijks kwam de DHL-bezorger grijnzend een nieuwe lading samples leveren. Waar al dat kleedsel precies vandaan kwam, wisten wij bij het agentschap van Amsterdam niet, laat staan dat de consument het wist. Maar de gebruiker wordt nooit zo streng aangepakt als het gaat om de mode-industrie. Waarom is dat bij drugs zo anders?

Aanval op de yogasnuiver 

Een aantal jaar geleden begon de aanval op de drugsconsument. Het begon met de zwartgallige schets van de advocatencultuur op de Zuidas, waarbij tal van anekdotes werden aangevoerd om het drugsprobleem te benadrukken. Maar als er één fictieve persoon de laatste jaren is uitgemolken door de media, is het wel die arme yogasnuiver. Die goedgevonden benaming kunnen we toeschrijven aan de eloquente politiechef Erik Akerboom, die in een rapport in 2018 voor het eerst over deze groep sprak. Het neologisme nestelde zich gerieflijk in het dagelijks vocabulaire en iedereen had wat te zeggen over de yogasnuiver. Een makkelijke prooi, mijns inziens. Vaak hoog opgeleid en daardoor bewust van de ontluisterende van bloed doorlopen route die drugs als cocaïne afleggen voordat ze op een vrijdagavondje na een nat diner bij Ceppi’s op tafel belanden. Elk nakkie of pilletje draagt bij aan de drugscriminaliteit die ons land momenteel teistert. Tegen beter weten contribueren zij aan dit klimaat. 

‘De yogasnuiver is vaak hoog opgeleid en daardoor bewust van de ontluisterende van bloed doorlopen route die drugs als cocaïne afleggen voordat ze op een vrijdagavondje na een nat diner bij Ceppi’s op tafel belanden’

De yogasnuivers worden tevens beticht van hypocrisie, omdat ze pleiten voor een betere wereld en vaak ook nog een vleugje milieubewustzijn in de (Twitter)strijd gooien. Niet vliegen,  maar wel de portemonnee van een drugsbaron spekken, over de rug van die arme Colombianen die gebukt gaan onder de erbarmelijke situatie in hun land, mede dankzij drugscriminaliteit. De term ‘yogasnuiver’ ligt in het verlengde  van het discours omtrent de Amsterdamse elitebubbel, de Ibizaganger,  de gehekelde influencer en andere zaken waar menig persoon graag een mening over ventileert zonder bewust te zijn van het over-een-kam-scheer-gedrag wat ze hierbij vertonen. 

Kop-in-het-zand-techniek

Een voorbeeld van de disproportionele ballast die bij de drugsgebruiker komt te liggen, in tegenstelling tot de gebruikers bij andere industrieën, komt naar voren in een reportage van Quotenet, over knuffelchocolademerk Tony’s Chocolonely. Na vijftien jaar monopolist te zijn geweest in de slavernij-vrije chocolade-industrie, parkeerde directeur met een meerderheidsbelang Henk Jan Beltman Tony’s Chocolonely in de etalage. Niet doen! Riepen opiniemakers en journalisten. Tony’s zou een ‘uithangbord worden van een verder vies bedrijf’ als een titaan als Nestlé het zou overnemen.

Ook onderzoekers aan de Universiteit van Wageningen stelden de integriteit van het merk aan de kaak. Zoals wel vaker het geval is bij zogenaamd ethische bedrijven, zat er een addertje onder het gras: zou geld wellicht toch een grotere rol spelen? Dit leidde tot een inspiratieloze welles-nietesdiscussie, waar ook Marketingfacts.nl nog even zijn plasje overheen deed. Tony’s ging vol in de verdediging, en trachtte zorgvuldig elke stelling die door de spitsen van bovengenoemd journaille waren gedaan te ontkrachten.  

Een ding bleef echter overeind, namelijk het feit dat ‘het overgrote deel van de huidige koper het niet interesseert hoe ethisch Tony’s nu werkelijk is’. De consument wil prettig kunnen slapen en apathisch een reep naar binnen kunnen werken, niet op zoek naar haken en ogen binnen de marketingstrategie van de favoriete chocoladeverkoper. De koper wordt in het artikel dan ook weggezet als passieve factor, een speelbal van de genadeloze commercie. ‘Ze doen hun best’, wordt er nog net niet van gemaakt. Opmerkingen als ‘ze doen hun best’ of ‘ik ben ook maar een mens’ zijn doorgaans manieren om enige vorm van morele verantwoordelijkheid te diskwalificeren. Het is de ultieme kop-in-het-zandtechniek. Waarom wordt de chocoladeliefhebber zo ontzien? 

‘Je spreekt het uit als She-in’ 

Niet alleen Tony’s Chocolonely-fanbase wordt vrijwel geheel buiten schot gelaten als het gaat om verantwoordelijkheid nemen, ook de fashionista wordt zelden op haar plek gezet. De laatste draak van de ultrafastfashionrage is het Chinese merk Shein. Gesticht in 2008 door de Chinees Chris Xu, is het in iets meer dan tien jaar tijd omgetoverd in een miljardenbedrijf, geliefd onder Tik-Tokkers en influencers. Er is dan ook een shift gaande onder de (vooral jongere) consument, die zich vrijwel niet lijkt te bekommeren om zijn of haar koolstofvoetafdruk, en vrolijk de croptops van drie à vier dollar over de digitale kassa laat slingeren. 

De jongere consument lijkt zich vrijwel niet te bekommeren om zijn of haar koolstofvoetafdruk, en slingert vrolijk de croptops van drie à vier dollar over de digitale kassa

Op basis van onderzoek van de VN blijkt dat het gemiddelde percentage wat een Brits huishouden aan kleding spendeert met één procent gedaald is in vijftien jaar. Dat terwijl gezinsleden gemiddeld 60% meer kleding kopen. Men koopt dus meer, voor minder. Wie zich afvraagt hoe de hyperbetaalbare jeansjacks en regenboogtopjes geproduceerd worden, vindt geen antwoorden. Op de website is niet eens een verwijzing te vinden naar oprichter (Xu). De Fashion Transparency Index gaf het merk dan ook een score van 1 op 100 op het gebied van transparantie. Ook Good on You, een initiatief dat elk jaar een ‘naughty list’ met onethische modemerken publiceert geeft Shein een schrikbarend lage rating als het gaat om werkomstandigheden en milieubehoud. Vergis je overigens niet, zoals al eerder gezegd, wisten zelfs wij als medewerkers van het minimalistische Scandi-merk niet waar en op welke zere plek we de vinger moesten leggen. 

Over wie wordt in deze onderzoeken met nagenoeg geen woord gerept? Juist, de gebruiker. Die is kennelijk gerechtigd om met postorders de planeet om zeep te helpen en moderne slavernij in stand te houden, zonder dat er een Aliexpress-versie van de yogasnuiver ontstaat. 

Consistent went 

In een maatschappij waar het voelt alsof er constant een wereldkampioenschap vingertjes wijzen aan de gang is, is het hoog tijd dat er enige mate van consistentie komt. Grapperhaus zei in 2019: ‘Dat massale pillen slikken op festivals geeft een verkeerd signaal af, dat moet stoppen. Je moet het drugsgebruik van yogasnuivers aan de kaak durven stellen. Als het mensen lukt om vegetarisch te eten, dan kunnen we toch ook met z’n allen stoppen met pillen?’

Het probleem is echter dat de vleeseter niet op dezelfde manier aan de schandpaal wordt genageld als de festivalganger die drugs gebruikt. Net zoals de Shein-besteller niet wordt vervolgd om het in stand houden van een controversieel systeem, omwille van een paar wielerbroekjes en scrunchies – want vrijemarktwerking. En net zoals de Tony’s-fanaat wordt geprezen voor het ‘in ieder geval proberen’ van het doorbreken van moderne slavernij, nul besef hebbend van de werkelijke realiteit die als een bromvlieg om het chocolademerk heen zoemt. De yogasnuiver staat al veels te lang alleen, en wordt gebruikt om ‘de publieke zaak in gijzeling te nemen’, zoals Roxane van Iperen het bijsterscherp verwoordde in haar essay over consumentenactivisme. Want door de drugsgebruiker het kruis te laten dragen, sluiten we onze ogen voor het werkelijke probleem: het overkoepelende systeem dat zich allang niet meer ontfermt over de burger.  Een beter beleid vergt inzicht en actie van alle partijen, met name van beleidsmakers die hun verantwoordelijkheid nu rustig staan te fileparkeren. Hierin is de yogasnuiver slechts een pion. 

Leave a Reply